Hoe moet ik dit jaar de kou verdrijven?

In normale tijden voel ik het borrelen in juli. En in augustus raak ik lichtjes in paniek. Ik heb nog geen locatie … hoe ziet de wandeling er dit jaar uit … oh nee, iedereen op tijd verwittigen …

Toen Tas stierf, nu bijna vijf jaar (vijf jaar!) geleden had ik het zo verschrikkelijk koud. Een ijzige koude die in mijn botten zat, die niet zomaar weg te krijgen was door een warm bad te nemen of een hete douche. Botten die stram waren en dienst weigerden. Tijdens de uitvaartdienst zat ik te rillen, de storm overspoelde me en ik bevond me in hoog water. Het verdrinken nabij. Na de dienst volgde het groeten van de aanwezigen. Ik merkte dat ik iedereen omarmde en met elke knuffel erbij, kwam er terug warmte in mijn lijf. Toen de eindeloze rij vrienden, familie en kennissen voorbij was had ik graag opnieuw begonnen. Gewoon iedereen rond me heen blijven vasthouden voor nog heel lang. Ik herinner me hoe ik het wou uitschreeuwen … ga niet weg. Blijf!!

Jaarlijks, op het moment dat zijn sterfdatum in zicht kom, voel ik de koude opnieuw opkomen. Bijna onmerkbaar komt ze opzetten. En dan voel ik het borrelen, en raak ik lichtjes in paniek. Ik weet de remedie tegen deze koude. En dat zijn mensen. Mensen die ik graag zie, mensen van vroeger en mensen van nu. Aanrakingen, knuffels en er gewoon zijn voor elkaar. Samen wandelen en nieuwe plekje ontdekken. Toosten op Tas, op het leven en op elkaar. Verhalen delen, het ene nog mooier dan het andere. Elke keer werkte het en liep de warmte die mensen uitstralen zo bij me binnen.

Maar samen wandelen, samen knuffelen en het leven vieren … dat lukt niet dit jaar. Dat mag niet dit jaar. Hoe moet ik dan de kou verdrijven?

Corona is verschrikkelijk. Een slingerbeweging waarin zelf wijze mensen het noorden kwijt zijn. Een nonkel van me zei onlangs ook nog deze ‘als je naar de zee kijkt zijn dat allemaal golven hé: grote en kleine’ . Het is blijkbaar niet gemakkelijk te zien welke impact zo een golf kan hebben, laat staan te voorspellen of een golf groter of kleiner wordt. Of misschien is er zelfs geen golf? Eigenlijk wist ik dat al een tijdje dat golven je kunnen overspoelen, maar soms ook gewoon een golf kunnen zijn. Dat ze onvoorspelbaar zijn.

Vandaag voelen we het allemaal. De één wordt overspoeld, de ander net met zijn hoofd nog boven water. Complexe tijden waar angst, illusie, hoop, onrust en toch ook weer anderen helpen en warmte geven elkaar afwisselen in een veel te hoog tempo. ‘Gebruik je gezond verstand’ is de boutade die ik steeds weer hoor en zelf ook echt wel een aantal keer uitsprak. Alleen, als emotie het overneemt gaat ook mijn gezond verstand er soms aan.

Want straks is die dag daar! Vijf jaar. Vijf jaar! Ze is niet meer zo ijzig, de koude in mijn botten. Ik voel ze wel, en het maakt me dan toch weer angstig en verward.

Ik zal jullie missen! Vrienden van toen en vrienden van nu. Mensen die belangrijk voor me zijn en die warmte schenken. Mensen die normaal gezien komen, en nieuwe vrienden die misschien nog niet eens wisten dat ze erbij zouden zijn. Misschien gaan we wel wandelen, Louise Tuur en ik. Die dag. Wie weet! Het zal een pover alternatief zijn. Zo alleen met ons drietjes. En de plannen moeilijk te maken in mijn hoofd.

Dus dan maar positief toekomst gericht denken. Ook dit gaat voorbij! Daar ben ik rotsvast van overtuigd. En als deze tijd weggespoeld is, dan ga ik iedereen knuffelen! Dan vieren we weer feest, met een fijne wandeling en een uitgebreide toost op Tas, op het leven en op elkaar!

Nele geschreven 4 jaar, 11 maanden en 16 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

Tijd heelt, vliegt en laat zijn sporen na.

Louise had het er vorige week over. Alsof ze het voelde dat de tijd alweer aan het vliegen is. Ze had het over die opa die ze nooit zag. Of hoe je iemand kunt missen die je nooit gekend hebt. Ze was er wel al, 10 jaar geleden. Heel klein, weggestoken in mijn buik. Ze was nog maar een begin. Terwijl bij mijn vader het einde naderde. Ik was zo blij dat ik het hem nog kon vertellen. En vreemd genoeg is het voor Louise ook belangrijk dat hij afwist van haar bestaan. Leven en dood, altijd dicht bij elkaar geweest.

Ik vertelde dat ik vermoed dat hij liever een grootvake was geweest dan een opa. Ze proefde de woorden op haar tong: ‘grootvake’, en jij noemde hem ‘vake’? Vreemde woorden vond ze. Gemis tastbaar aanwezig.

10 jaar vandaag! 10 jaar geleden dat we afscheid namen van een milde man, de middelste van zeven (dat was belangrijk voor hem), iemand die zijn portie pech in het leven droeg elke dag opnieuw. Woorden waren belangrijk voor mijn vake. Ik beschouw mijn drang om de wereld, het leven van je af te schrijven als zijn erfenis. Hij deed het ook. Ik herinner me de soms hoogoplaaiende discussies, zijn politieke standpunten en zijn doordachte visie. Maar het belangrijkste vond hij toch verbondenheid, vrienden en familie om zich heen. De mooiste cadeau’s die hij vroeg (want feesten en cadeaus bepaalde hij gewoon zelf) hadden met tijd te maken. ‘Maak tijd voor me’, zei hij dan, kostbaarder bestaat niet. Hoe juist hij daarin was, besef ik nu pas ten volle. De diepe sporen die hij achterliet zijn me dierbaar.

10 jaar vandaag! Hoe heb ik dit eigenlijk gedaan? Elke dag opgestaan en verder gedaan. Soms ging denken niet meer … enkel voelen. Mijn ziel onder mijn arm. Een groot gat. Alles gebroken, gescheurd en verwoest. De tijd heeft dan toch gevoed, geheelt en sporen achter gelaten. Mooie sporen, littekens in mijn  binnenste. Littekens die gekoesterd worden en die gezien mogen worden.

Ik vraag me soms af hoe hij vandaag in het leven zou staan, hoe hij deze corona-crisis zou beleven. Misschien vind ik het ok dat hij dit niet moet meemaken. Maar vooral dat hij het verlies van zijn schoonzoon niet hoefde te dragen. Ze hadden zo hun eigen geheimen, Tas en mijn vader. Spraken soms af zonder dat ik het wist. Vonden elkaar en hielpen elkaar, elk op hun eigen manier. Ik mis ze elk apart en ik mis ze samen.

Vandaag vier ik stilletjes het leven, terwijl het verdriet af en toe naar buiten stroomt. En morgen, morgen sta ik weer op en neem de dag zoals hij komt. Ik zal er van genieten van die dag zoals van elk moment, het is een eerbetoon aan hen voor wie het leven veel te kort was.

Nele – geschreven 4 jaar, 10 maanden en 17 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

Karen en Frank: tot aan de rand vervuld van elkaar.

Het was niet de bedoeling dat ze daar was, op de tennis in Merelbeke. Ze had er eigenlijk niets te zoeken. Ze zou gewoon heel even helpen met alles klaarzetten voor het feestje van een vriendin. En echt, ‘ik blijf niet, want gisteren was al veel te laat. ‘

Tot … ze was nog maar de trap op met een doos vol versiering toen ze hem zag zitten. Een imposante, sportieve man die rustig een koffietje dronk na zijn tennisles. Het was een wonder dat de doos in haar handen niet op de grond belandde, want het effect was overweldigend. Na amper een seconde haar te zien, was ook Frank verkocht. ‘Moet ik helpen ballonnen blazen?’ was het eerste dat hij Karen vroeg.

Die avond zouden ze als laatsten het feest verlaten. Alles viel uit elkaar en kwam terug tot stand op die ene avond en nacht. De wereld een futiliteit, verdwenen naar de achtergrond. Wonderlijke zaken gebeuren wel meer in nachtelijke uren.

En al vond Karen het nodig nog even ‘hard to get’ te spelen toch was ze al lang hopeloos verliefd en helemaal ondersteboven van Frank. De fysieke aantrekkingskracht was zo groot! En tot haar verbazing voelde Frank hetzelfde. Vanaf het eerste moment was de liefde tussen hen tastbaar aanwezig en konden ze zich geen leven meer voorstellen zonder elkaar. Het leeftijdsverschil enkel voor de buitenwereld een issue.

Frank zat op dat moment ‘tussen twee huizen’. Het ene al verkocht en het andere nog bewoond door een huurder. Als tussenoplossing had hij een studio gehuurd. Alleen, daar was hij helemaal niet zo veel te vinden. En zo was samenwonen net als hun gevoelens een vanzelfsprekendheid geworden. Toen Frank eindelijk naar zijn huis kon verhuizen was het logisch dat Karen mee ging.

De eerste maanden en zelfs jaren waren niet altijd even evident. Maar de band tussen hen twee kon niet meer stuk. Zag je Frank dan zag je Karen. En zag je Karen, dan zag je Frank. Frank zijn dochters uit zijn eerste huwelijk waren zijn oogappels en hun opvoeding, hun dromen en hun angsten belangrijk voor hem. Ze werden onderdeel van hun liefde. Frank vol trotse verhalen over zijn blonde schone, een zachte vrouw waarbij hij thuiskwam. Karen genietend van zijn zorgzaamheid en rustgevende trouw. Tot de rand van elkaar vervuld, beloofden ze elkaar trouw op hun huwelijk. De liefde tussen hen zo krachtig dat ze beiden er rotsvast van overtuigd waren dat die hen nooit kon verlaten.

Ze konden elkaar lezen, en waren voortdurend samen. Ze waren elkaars allerbeste vriend. Zelf elk op hun werk bleven ze verbonden en stuurden berichtjes of belden elkaar even op voor een banaal gesprekje. Frank vond het geweldig dat ze na al die jaren nog steeds kon lachen om zijn grapjes, Karen bleef overdonderd dat deze geweldige man voor haar had gekozen. Samen met de kinderen die groter werden en hun hondje was het leven zoals het moest zijn.

Ze bouwden hun droomhuis in Melle met een eikenboom in de tuin waaronder ze van het leven genoten. Het werd hun nest vol muziek en warmte waar ze samen oud konden worden. Zo moest het zijn, zo zou het nog lang moeten zijn. Alleen … toen kwam die noodlottige dag.

Dinsdag 30 oktober 2018: Frank is al wakker, terwijl Karen zoals wel meer nog even in bed ligt te snoezen. Om 8u30 komt Frank haar samen met hun hondje Jackie wakker maken. Ze nemen tijd voor elkaar, zoals meestal. Uitkijkend naar hun 3 dagen zee die ze planden om de drukte die ze beiden voelen in het werk even achter hun te laten. Karen belt hem meermaals die dag, maar zonder gehoor. ‘Het was ook echt druk!’ maar toch begint er iets te knagen, het voelt niet juist en Karen beslist naar huis te gaan.

En dan volgt de verpletterende realiteit. Ademstilstand bij Frank ergens in de uren ervoor fataal, bij Karen op het moment dat ze haar grote liefde ziet liggen in de zetel met Jackie boven op zijn borst. Waar haar hersenen en haar lijf de kracht vonden om te reageren weet ze niet, maar ze belde haar vader en zijn dochters. Verschrikkelijk telefoontjes. Hoe kon ze zo veel informatie opnemen, verwerken en laten doordringen?

De volgende uren bleef Karen bij Frank, haar soulmate en de liefde van haar leven. Ze speelde zijn platen en probeerde zo dicht mogelijk bij hem te zijn. Het waren vreemd genoeg mooie uren, daar samen met Frank. Terwijl zijn twee dochters achter het hoekje in de keuken met een glas wijn en vrienden verhalen over hun vader deelden.

Het was een geschenk hun liefde en hoewel Frank er niet meer is, voelt Karen zijn liefde en warme geruststellende woorden nog elke dag. Gelukkig, zegt ze, is alles gezegd tussen ons. Liefde elke dag uitgesproken. Ze voelt hem in de verbinding met zijn dochters, de mooie intense band met zijn vrienden en familie die nog dieper geworden is.

Wat achter haar ligt een warme, immense en intense liefde.
Wat voor haar ligt een vraag waar ze met Frank zijn steun vol veerkracht kan naar uitkijken.
Maar het belangrijkste is wat in haar ligt. Daar zit Frank voor de rest van haar leven, diepgeworteld en onverwoestbaar: een kostbaar geschenk.
Dwars door de vlagen van verdriet blijft hij zorgzaam haar steunen. Dan voelt ze hem, warm en goed als vroeger toen ze kon schuilen in zijn imposante armen. De oneindige dankbaarheid die ze daarvoor voelt geeft haar de kracht om elke dag weer op te staan.

Nele – voor Karen een straffe, mooie madam!

Barsten in een lock-down

Het begin van de lockdown voelde eigenlijk vertrouwd aan voor ons. Dit is wat we deden met ons gezin net nadat Tas er niet meer was. Terugplooien op onze kern, een te-klein-geworden gezin. Op zoek naar onze wortels, terug hechting zoeken in onze hele kleine wereld. Buiten, kwam ik enkel voor essentiële verplaatsingen, weggestopt achter een dikke trui met kap over mijn hoofd. Ik zie heel wat paralellen. Ik heb die eerste lock-down (weet zelf niet zeker of ik die wel koos) ook heel mijn huis verbouwd, wanhopig op zoek naar een thuis. Ik was hier aan het behangen, schilderen en kleine klussen aan het doen. Ik werd ook bewust van hoe kleine dingen belangrijk zijn. De kinderen en ik groeiden naar elkaar. In het begin van de lock-down dacht ik zelfs even – kijk de buitenwereld voelt nu een beetje wat we toen voelden.

Alleen, ik was er net uit! Echt! Ik was uit mijn kot gekomen en toen duwde de buitenwereld me er weer in. Even slikken toch, zelfs lichte paniek. Ik kan niet nog eens in lock-down!

Tijd heelt alle wonden zegt het spreekwoord. Ik denk niet dat het tijd was, het waren de mensen rondom mij die me hielpen om eruit te komen. Want tijdens die hele lange jaren waren het de anderen die me uitdaagden en inspireerden. Kleine barsten in mijn zelf gekozen lock-down, in het pantser dat we op één minuut rondom ons hadden gebouwd. Sommigen zachtjes en anderen beukten er los doorheen. Bloemen werden geleverd, de kinderen kregen kleine attenties, brood aan de achterdeur en soep op de stoep, mensen belden en vrienden die ik soms 10 jaar niet zag stonden aan mijn deur. Ze luisterden elk vanuit hun unieke plek naar mijn verhaal. Niet in het minst hier op deze blog, waar ik hartverwarmende reacties kreeg. Naast het luisteren was er ook het menselijk contact. Een knuffel of een kus. Want als woorden niet meer lukken zijn er nog altijd aanrakingen. Een groot verschil tussen de eerste en de tweede lock-down.

Deze zorgde voor uitdagingen om niet in een isolement te geraken, voor heel veel mensen, ik voel het ook. Ik heb dialoog nodig om te kunnen denken, gesprekken om vooruit te geraken, uitdagingen om ideeën bij te sturen, aanrakingen om te voelen dat ik leef. Ik voel het vandaag des te meer!

En alhoewel ik de hele tijd bleef werken (uitdagingen genoeg op dat vlak) voel ik ook daar een tekort. Op online meetings alleen kan ik niet teren. Ik heb dat gesprekje op de gang aan de koffie nodig om nog eens te checken waarom iets gezegd werd, of dat persoonlijk contact om in een coaching te voelen dat een boodschap over kwam. Snelle werkafspraken maken zijn niet meer voldoende, dat lukt maar voor even.

Dus ik ben blij met de kleine barsten in deze tweede lock-down, ze komen niets te vroeg. En al is het een uitdaging met twee kinderen waar er maar eentje opnieuw van start, ik zal op veilige afstand weer eens aan de koffie blijven plakken of aan de lift een klapke doen op het werk. Ik open toch weer een veilige afstand praatje in de tuin en zoek een bubbel met vriendinnetje voor Louise.

Toen ik de eerste keer alles in pauze zette, duwde ik vruchteloos op rewind. Vandaag duw ik op forward en hoop dat de pauzeknop het begeeft. Ik hoop dat dit virus snel voorbij raast om niet meer terug te komen. Ik hoop het voor ons allemaal, en in tussentijd kunnen we barsten maken in isolement met berichtjes en bloemen, brood aan de achterdeur en soep op de stoep.

Nele – geschreven 4 jaar, 8 maanden en 9 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

Eigenlijk moeten we ook elke dag een minuut stilte houden

Mijn kinderen en ik in ons kot. We keken dit weekend samen naar het journaal. ‘Relatief weinig doden in Duitsland’ horen we. Tot het getal valt. ‘Weinig?’ Is de reactie naast me, luid en duidelijk. Twee minuten later een beeld van een koppel dat trouwt, helemaal alleen. ‘Hoe erg is dat’ zegt de ene. ‘Ze kunnen later nog feesten!’ zegt de andere. De getallen zijn gepasseerd.

Ik zit in mijn kot en word terug gekatapulteerd naar al die momenten dat ik afscheid nam. Van mijn moeder, van mijn vader, van Tas.

Bij mijn moeder was het afscheid groot, bijna groots in mijn beleving. Theatraal als mijn vader was vol symbolen. Wij, de kinderen die niet konden stoppen met huilen. Liedjes vol betekenis, elk woord die vooraan in de kerk werd gedeclameerd maakte het verdriet groter en snijdender. Maar oh, gruwel, stel je voor dat dat niet kon doen.

Bij mijn vader besloten we om het groeten vooraf te doen, zodat we nadien konden verdwijnen als het verdriet niet meer van onze gezichten kon weggeveegd worden. De dienst vol respect voor mijn diep gelovige vader en al zijn vrienden met en zonder geloof. Mooie verhalen werden gedeeld om te koesteren in de jaren nadien. Na het afscheid kon ik niet mee met de rest van de familie, ik werd getrokken naar al die aanwezigen die ik nog niet zag en bij wie ik warmte zocht en vond. Maar oh, gruwel, stel je voor dat dat niet kon. 

Bij Tas had ik koud, ijskoud. Mijn botten waren doordrongen van een ijzige pijn die me helemaal verlamde. Woorden als troost om naar te luisteren en om uit te spreken. Zwarte, diepe rauwe rouw die elke betekenis uit mijn leven zoog. Bij het groeten stond ik alleen, maar ik voelde iedereen die passeerde. Beetje bij beetje voelde ik warmte terugkeren. De leegte werd gevuld door de aanwezigheid van massaal veel vrienden, kennissen, familie en dierbaren. Maar oh, gruwel, stel je voor dat dat niet kon.

De cijfers passeren, elke dag opnieuw. Mooi opgedeeld per land en sinds kort ook per regio. We weten nu de plekken die harder werden getroffen dan andere. Harder? Iedere dode vandaag is er één teveel. Iedereen die sterft, zelfs al is het niet van corona krijgt niet het afscheid dat hij of zij verdient. Iedere achtergeblevene staat er alleen voor.

In elk boek, van elke rouwtherapeut (en geloof me ik las en hoorde er velen), vertelt hoe belangrijk dat afscheid is. Elke weduwe of weduwnaar waarmee ik hierover sprak, laat weten hoe levensnoodzakelijk afscheid nemen is als je nadien ook maar een beetje wil overleven om wie weet ooit weer te leven. Vandaag wordt dat zoveel mensen ontnomen en het enige dat ik kan bedenken is: wat een gruwel.

Fijn dat we voor de kinderen op berenjacht gaan, nog fijner dat we elke dag applaudisseren voor zij die in de zorg voor ons zorgen. Kunnen we dan ook even denken aan al diegenen die nu zo gruwelijk afscheid nemen.

Stel dat we elke dag 1 minuut stilte voor hen houden. Hoe sterk zou dat zijn? Stel je voor, we doen het met z’n allen om 19u. Uit respect voor zij die het niet haalden, uit steun voor zij die achterbleven zonder afscheid.

Nele – geschreven 4 jaar, 6 maanden en 22 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

Ik weet mijn kracht te vinden.

Lang geleden dat ik hier was. Ik twijfelde zelf even om deze blog af te sluiten. Na meer dan 4 jaar merkte ik dat de titel en de ondertitel kan omgedraaid worden. Het overspoeld worden maar af en toe eens.

‘An unexamined live is not worth living’ leerden we van Socrates. Ik denk veel na over mijn leven, en de betekenis ervan. Net na de dood van Tas was ik gebroken, dreigde ik soms te verdrinken in de waanzinnige golven van verdriet die me overspoelden op onaangekondigde momenten. Soms wou ik gewoon breken, zodat de wereld kon zien wat een waanzin die gevoelens waren. Dat gebeurde echter niet. Geen enkele keer echt. Ik bleef recht staan en vond kracht in mezelf, ondersteuning van mijn omgeving, in mijn sterk netwerk en vond waarden die belangrijk waren.

Ik ben niet rijker zonder Tas, in tegendeel ik ben nog steeds armer. Maar ik ben wel sterker. De veerkracht in mezelf weet ik te vinden, mijn vrienden spreek ik gemakkelijk aan als het moeilijk dreigt te worden en vooral die waarden waar ik voor wil staan zijn een steun elke dag opnieuw.

Iets meer dan 4 jaar hangt hier nu een blaadje uitgescheurd uit een tijdschift aan de radiator. ‘Enjoy the little things, because one day you look back and realize they were the big things’. Dat doe ik! Ik vertraag vaak, kies dan toch weer om minder te werken, ga op zoek naar geluk en liefde en geniet ervan met volle teugen. Schoonheid zien en apprecieëren is er ook eentje. Verse bloemen in mijn huis. Een mooi boek of gewoon een opgeruimd huis. Mooie momenten vieren, herinneringen koesteren. De belangrijkste blijft echter de ‘liefde’. Graag zien staat met stip op nummer 1. Ik zeg het vaak tegen mezelf: belangrijke zaken belangrijk houden en die kleine ongemakken zijn gewoon maar bijzaak. Genieten van elk mooi gebaar, van elke telefoontje, elke aanraking en elk klein berichtje. Ik omschrijf het graag als leven in extra-time.

Ik voel nog wel eens de vervreemding van het eerste jaar waar ik met verbazing keek naar de wereld die andere dingen belangrijker vond. Een wereld die voorbijraasde en waar prestatiedrang, geldingsdrang en kleine futuliteiten op nummer 1 stonden. Een wereld waar ik me niet meer in thuis voelde. Langzaamaan vond ik mijn weg terug naar de wereld, maar ik weigerde mijn waarden los te laten en vond in die zoektocht zoveel mooie mensen die ook zo keken.

Vandaag, in corona-tijden, zie ik de vervreemding toeslaan bij zovelen. Zie ik hoe mensen vertragen, hoe ze op zoek gaan naar hun eigen krachten. Hoe ze anderen nodig hebben als ondersteuning (die whatsapp-groepjes zijn zo belangrijk!!).  Hoe mensen op zoek gaan naar hun persoonlijke waarden en naar gedeelde waarden. Hoe belangrijke zaken belangrijk worden. Hoe de kleine dingen voorrang krijgen.

Ik weet uit ervaring dat we kracht hebben om dit te overleven. Want het wordt overleven, al weet ik ook uit ervaring dat na overleven, leven ook wel weer komt. En we zullen niet rijker worden, maar armer. Er zullen mensen zwaar getroffen worden. Maar misschien worden we met z’n allen wel sterker.

In tussentijd wens ik jullie veel sterkte en hoop dat jullie kracht vinden.

Nele – geschreven 4 jaar – 6 maanden en 13 dagen na die verschikkelijke 8ste september 2015

Mag ik alsjeblieft verdrietig zijn?

Pijn en verdriet zijn bijna niet te vatten. We doen schamele pogingen met woorden en muziek. We proberen het te grijpen in kunstwerken en toneelstukken. We slagen er maar half in om datgene wat we voelen te uiten. En toch!

Ik merk het elke dag opnieuw, het is zo waanzinnig belangrijk om het te proberen. Om te blijven zeggen datgene wat we maar niet uitgelegd krijgen. Honderden keren opnieuw. Maar hoe moeilijk is dat? Hoe zet je gemis om in woorden als je moet graven naar herinneringen? Louise worstelt ermee, en ik schiet hopeloos tekort om haar op weg te helpen.

Het mag ook niet van onze maatschappij. We leerden dat we de ander geen pijn mogen doen en dus vanuit dat graag zien, duwen we de pijn en het gemis zo ver mogelijk weg. Alleen …. het is niet weg. En er niet kunnen over babbelen zorgt dan voor hoofdpijn en buikpijn. Hoe mooi zou het zijn als we dat eens leerden! Vandaag is het een geschenk als iemand nog eens praat over Tas met Tuur of Louise. Maar zelfs kinderen zeggen: ik ga niet praten over die dode papa want dan doe ik pijn. In mijn ideale wereld draaien we dat om en geven we elkaar de ruimte om boos te zijn, om frustraties te voelen en ja om te huilen van verdriet.

Ik zie mensen die jaren nadat ze iemand verloren worstelen met gemis dat ze niet onder woorden krijgen. Verdriet dat zich nestelt in de kleinste stukjes van hun zijn en hen zo volledig uit evenwicht haalt. Ik hoor een lotgenoot vol frustratie omdat haar dochter op haar verjaardag, waar ze nota bene waanzinnig haar best deed om er een topdag van te maken, toch uit dat ze verdrietig is. In mijn wereld is dat de definitie van een topdag. Geluk en verdriet … heel dicht bij elkaar en dan nog eens ruimte krijgen om dat te mogen zeggen. Zomaar mogen huilen. Ik hoor een collega die vraagt hoe het gaat en erbij zegt … mag wel eens slecht gaan hé! De meeste van mijn collega’s weten niet hoe ze daaraan moeten beginnen. Ik weet het wel, gemakkelijker als alles gewoon goed gaat. Maar mogen we alsjeblieft soms eens verdrietig zijn?

En toen kreeg ik een berichtje van een vriend. Gisteren te diep in het glas gekeken. ‘Ik ben aan het sterven.’ schreef hij. En ik glimlachte en antwoordde: ‘Je bent aan het leven! Geniet van je heerlijke kater. ‘ Geen idee of dat laatste helend was.

Nele – geschreven 4 jaar, 3 maanden en 3 dagen na die verschrikkelijke 8ste september

Pablo Picasso



Verknocht aan elkaar was gewoon samenzijn hun grootste wens.

Gino maakte het eten, altijd! Hun kleine keukentje was zijn domein. In potten roeren, heerlijke gerechten bereiden met bijhorende sauzen zijn ontspanning. Rietje wou het niet anders. Hij zorgde zo voor de fond in hun relatie.

Ze hadden elkaar leren kennen op het internet, lang voor Tinder en zelfs facebook hun intrede deden. Rietje chatte wel eens met een vriendin via ICQ toen plots een zekere Gino opdook. Hij was er elke keer opnieuw, om na een tijdje niet meer te verdwijnen. Op hun eerste date was het overduidelijk: dit was liefde op het eerste gezicht. Die avond reden ze rond, gingen iets drinken en verdronken in elkaars ogen. Soms is dit al voldoende.

Grote noden hadden ze niet, die twee, behalve elkaar. Zie je de één, dan zag je de ander! Samen een huis kopen en trouwen waren dan ook een logisch gevolg. Zonder franje, gewoon allebei met een lange broek aan stapten ze in de echt. Na de ceremonie in het gemeentehuis iets eten met de familie was voldoende om hun liefde te bezegelen.

Op de grote foto in hun living prijken twee gelukkige mensen elk met hun bowlingbal. Gino speelde competitie, al kon het ook wel eens zijn dat het samenzijn en de aperitief lonkte. Rietje volgde hem, zoals ze elkaar altijd volgden. En toen haar knieën het rollen van de bollen minder toeliet kwam ze aan zijn zijde supporteren.

Verknocht aan elkaar was gewoon samenzijn hun grootste wens. Samen in huis elk hun eigen kleine bezigheden, wetende en voelende dat dit voor de ander ook voldoende is. Een innige, stille liefde die geen grootse gebaren nodig heeft.

Gino zag haar graag en toen het soms wat minder ging met die knieën van haar, nam de bezorgdheid het snel over. Een sterke man die met zijn handen werkte, zou hij het gevoeld hebben? Dat hij er niet altijd zou zijn voor haar? Dat hij het zorgen voor haar niet zou kunnen volhouden?

Op 20 juli, net voor ze samen op reis vertrokken slaat het lot voor het eerst toe. Gino valt flauw op zijn werk. Het verdict niet eens zo erg. Slechte bloedwaarden, rode bloedcellen te weinig aanwezig in zijn grote lijf. Ze vertrekken toch, na goedkeurig in het ziekenhuis naar een stekje in Nederland, niet ver van Maastricht. Maar daar gaat het zienderogen achteruit. De sterke Gino verzwakt en verliest zijn laatste greintje energie. Ze weten het allebei, zij die elkaar intuïtief aanvoelen zonder woorden, de realiteit is beangstigend.

Terug thuis volgen eindeloze onderzoeken. Het bloed van Gino is problematisch, het beenmerg zorgt voor bloed: de naam niet waardig. Transplantaties, dagelijkse waarden opmeten, eindeloze opnames, zakken bloed worden aangeleverd, chemo ,… Een waanzinnig zwaar jaar waarin Gino en Rietje schommelen tussen hoop en wanhoop. Elke keer opnieuw beginnen vraagt veel energie. Het gewoon samen thuis zijn een verre droom. Rietje wisselde werken en bij Gino zijn af in een hels tempo. Gino, voorheen familiemens en levensgenieter spartelde mentaal elke dag. Zelf de quarantaine van Gino hield Rietje niet tegen. Ook daar, in het ziekenhuis, was elkaars aanwezigheid hetgeen hen beiden recht hield.

Soms is liefde niet voldoende. Exact een jaar later was Gino’s strijd gestreden. De wereld een futiliteit, verdwenen naar de achtergrond. De wereld van Rietje onherroepelijk in puin.

In gedachten loopt hij naast haar, nog even bezorgd om haar en altijd aanwezig. Soms biedt het troost, even vaak doet het pijn. Het tweede jaar zonder hem … het is vaak donker in haar wereld. Toekomstdromen aan flarden.

Slapen gaat moeilijk, leven nog moeilijker. Toch doet ze het, al is het bezwaarlijk een keuze. ‘Zorg goed voor jezelf’ had hij haar nog meegegeven. In feite doet hij het nog … Gino en Rietje … voor altijd één.

Als de storm gaat liggen

Hoe gaat het nu met jou? Een vraag die ik af en toe te horen krijg. Nog niet zo lang geleden vond ik dat een gruwelvraag. Toch voelt het nu niet meer zo. Tijd, … dan toch geholpen. Vandaag op de bots kwam ik weer iemand tegen die het opmerkte: wat lang geleden dat je iets schreef. Zou het er iets mee te maken hebben?

Kan het dan toch? Dat als de storm wat gaat liggen … we verder leven zonder hem? Klopt niet helemaal die zin, ik leef verder met hem. Soms zit Tas diep verscholen, soms gewoon zichtbaar aan de oppervlakte. Alleen het is geen overleven meer. Ik durf terug zeggen dat ik leef.

Hoe gaat het nu met jullie? We hebben ze gevonden, die manieren om te leven. Gewoon al lachend tegen Tuur: echt dat heb je van je papa! Of mmm Louise hij is helemaal trots op jou. Zomaar gewone conversaties geworden zonder tranen. Praten over dood, want dat is deel van ons bestaan.

Hoe gaat het nu met jullie? Super. Ik heb veerkrachtige en zelfredzame kinderen. Ze zorgen voor elkaar. Genieten van hun vrijheid als ze eens alleen thuis moeten blijven. Weten de weg naar huis en kunnen perfect omgaan met de flexibiliteit die ik hun vraag. Ze maken zelfs soep voor ik thuis kom in onze nieuwe soepmaker. Elk om beurt, want het is geen opgave, nee hoor soepmaken is fijn.

Hoe gaat het nu met jou? Goed, heel goed zelfs! Ik heb een nieuwe job. Tja, nieuw? Nu toch ook al een halfjaar. Tijd blijft vreemd, is dat dan lang of kort? Geen flauw idee, afhankelijk van hoe je het bekijkt. Niet evident, voltijds, vol uitdagingen ook, … maar ik geniet van het nieuwe, van het bijleren, van het netwerken, van het verkennen van nieuwe sectoren, van het omdraaien van problemen naar mogelijkheden. De ene dag al wat meer dan de andere.

Hoe gaat het nu met jou? Heel goed. Ik heb de techniek aan mijn kant en in online shoppen was ik altijd al goed. Voor alles bestaat een app! En ik ben fan. Want op die babysitapp vind ik zelfs iemand overdag voor mijn zieke dochter, en de boodschappen voor morgen die deed ik net al online.

Hoe gaat het nu met jullie? Goed! Fijn! We weten wel dat eb en vloed deel zijn van ons bestaan. Maar we leven. We voelen het tot in de kleinste vezels. Tot daar waar het gemis en het verdriet ook zitten. Een bestaat naast elkaar!

Zoals een vriendin van Tas me dit weekend meegaf: dit is wat hij zou willen. Dat jullie leven!

Nele, geschreven 4 jaar en bijna 2 maanden na die 8ste september 2015.

In stukken

De eerste weken na de vakantie, ik zal er nooit aan wennen. De kinderen weer een klas hoger, herinneringen die me parten spelen. Terwijl de avond valt denk ik aan onze vakantie. Ze was in stukken dit jaar, verdeeld over Frankrijk, Spanje en Nederland. Niet slecht zie ik je denken. Was het ook niet! De scherpe randen van het gemis zijn wat afgerond en ik genoot van alles wat de vakantie ons te bieden had. Onze vakanties werden extra gekruid door de aanwezigheid van vrienden en ook wel wat wijn. Vriendschap het gaat niet alleen over wat ik voel voor hen, maar ook hoe zij mij doen voelen. Deze vakantie voelde ik me welkom, begrepen en ik mocht zo af en toe in stukken vallen.   

In het naar huisgaan vergezelde de avondzon ons. Vanuit Frankrijk glinsterden de zonnebloemen als goud. Na Spanje een koele lucht vol weemoed en in Nederland zagen we de zon langzaam ondergaan in de betoverende Efteling.  De schemering, net voor het hemellicht verdwijnt is het moment waarop de melancholie boven komt drijven. Stiekem hou ik van die momenten, waar mijn stukgeslagen hart tastbaar is. Dan ben ik dicht bij hem, en neem ik denkbeeldig zijn hand in mijn hand.

Beetje bij beetje zijn die stukken van mijn hart opnieuw in elkaar gepuzzeld. Er was lijm voor nodig, veel lijm. Mijn zusje en mijn broer, niet in het minst mijn kinderen, en al die lieve vrienden … Hun lijm is als goud. In het Japans bestaat er een naam voor. Kinstugie, de schoonheid van imperfectie.

Soms komen er nog stukken terug los,  want o god, wat mis ik hem. Maar ik weet de lijm te vinden.  En toen merkte ik dat (hmm dat omdenken ook) mijn hart groter geworden is. Er is plaats voor meer. Veel meer. Meer vriendschappen, meer ontmoetingen, en wie weet ooit…

Voor altijd   

Met ergens in mijn achterhoofd de dood als blindganger ben ik graag zo grondig mogelijk hier. Met beide voeten op een stukje aarde het leven vierend, waarin van dag tot dag boven in mijn brein, onmetelijk magazijn, zelfs de kleinste dingen zich verzamelen. Duurzaam en houdbaar tot onzekere datum.

Natuurlijk ooit, vroeg of laat toch een keer overschreden. Maar voor altijd wél geweest.

Theo Olthuis (1941)

Nele – geschreven 4 dagen voor het vierde jaar dat het 8 september is (tijd – vriend en vijand) 

t