ons huis is een museum

Elk plekje, elk beeldje, elke foto, elk ding, … in ons huis wil iets zeggen. Hier praten de dingen en  de planten. Ze vertellen verhalen over een ver en minder ver verleden. Ze proberen vast te houden wat niet meer is.

Ik dacht vroeger dat ik een visueel geheugen had, maar dat lijkt nu helemaal niet waar. Als ik mijn ogen sluit dan zie ik niets, dan wordt het zwart. Verschrikkelijk jaloers ben ik op die mensen die maar gewoon hun ogen moeten sluiten om hem te zien, om met hem te praten. Ik kan het niet. En dan overvalt dat gevoel me weer – ik ben Tas helemaal kwijt. Sinds het overlijden van Tas heb ik één keer van hem gedroomd. Eén keertje maar.

En dus gebruik ik foto’s. Tas hangt levensgroot in ons huis. Achter elke hoek vind je een foto van Tas. Ik vertel graag aan ieder die het horen wil het verhaal achter ieder ding, als een perfecte museumgids. De kinderen doen het ook. Deze tegels had papa gelegd hé mama? En toen was ik erop gaan staan en was papa boos. Hier in deze zetel knuffelde papa me altijd hé? Ze zijn ons dierbaar die verhalen.

Ons huis is een museum en de enige plek ter wereld waar we thuis zijn. Het is de enige plek waar we Tas zien, horen, voelen. Een beetje toch.

We willen hier dan ook nooit meer weg. Want, zo zei Tuur eens, we kunnen toch niet de vloer en de muren meenemen. Dit is de vloer waarop hij stapte en de muur waartegen hij leunde. We hebben elk plekje nodig.

Ons huis is een museum en we kunnen het niet te lang alleen laten. En de bezoekuren? 24 op 24. 7 op 7.

“Omdat er liefde is, bestaat er geen voorbij. In alle eeuwigheid ben jij!” – Toon Hermans

Nele – 5 maanden en 3 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

 

 

Zeg me dat het niet zo is …

zeg me dat het niet zo is
zeg me dat het niet waar is

Frank Boeijen zijn lied kan soms dagen in mijn hoofd spelen. De tekst, maar vooral de melodie passen dan helemaal bij mij.

Ik doe het vaak, doen alsof het niet waar is. Dan zet ik de televisie aan op voetbal, terwijl ik in de keuken rommel. Dan zet ik zijn schoenen netjes zodat hij erin kan stappen. En daar hangt zijn jas, klaar voor gebruik. Dan hoor ik een moto buiten en bedenk dat hij wel gauw thuis zal zijn. Dan doe ik het huishouden zodat hij straks gewoon kan neerploffen.

Ik durfde het in het begin amper te zeggen, maar ik klus heel hard in mijn huis. Dat behangpapier dat er al even lag, hangt aan de muur. De slaapkamer van de kinderen kreeg een nieuwe indeling en de Marokkaanse lamp die we kochten hangt eindelijk op. Lampen vervangen, zelfs de vaatwasmachine herstellen en de waterverzachter opnieuw programmeren na een stroompanne lukt me al aardig. Ik doe het niet omdat het moet. Ik doe het omdat ik Tas zijn klusjes niet mag verwaarlozen. Als hij straks thuiskomt dan kan hij gewoon verder doen waar hij gestopt was. En die arme kippen hun hok wordt mooi elke week gekuist, want de kippen die zijn van Tas.

Het enigste dat we dan nog moeten maken is dat grote bord: welkom thuis, we hebben lang op je gewacht!


Nele – geschreven 123 dagen na die noodlottige 8ste september 2015

jas

zeg me dat het niet zo is
zeg me dat het niet waar is

Ga je mee vanavond naar ons lievelingsrestaurant
Een tafel voor twee
Ik heb gebeld, ze weten ervan
En we drinken totdat de zon opkomt
En we vergeten
De oneerlijkheid van het lot

Zeg me dat het niet zo is
Zeg me dat het niet waar is

Kom we gaan trek je jas aan
Anders wordt het te laat
Kom eens hier
Ik houd je vast Ik laat je nooit meer gaan
En ik vertel je een grap die je laat huilen van de lach
En we vergeten
De blikken van de mensen in de stad

We doen net alsof het niet zo is
Alsof het niet zo is
Alsof het niet waar is

We doen net alsof je gewoon verder leeft
Alsof je gewoon verder leeft

Zelfs als het niet waar is

Frank Boeijen

Aangepast profiel

Ergens, op een dag, toen Facebook bij iedereen als normaalgoed werd beschouwd viel het me op dat veel van mijn vrienden hun profielfoto veranderden in foto’s van hun kinderen. Een vreemde evolutie … alsof ze zichzelf niet meer waren.

Nu, vandaag, versta ik het beter. Ze zijn ook zichzelf niet meer, ze zijn veel meer dan dat. Ze zijn een vader of een moeder geworden.

Ik ben chaotisch en ja ook slordig. Tas was gestructureerd en netjes. De cd’s van Tas lagen op volgorde, zijn kleren klaar voor de volgende dag. En het tapijt werd elke avond weer recht gelegd. Na enige tijd had ook ik voor alles een plaats (al gaat dit niet op voor mijn sleutels) en Tas kon ’s avonds zeggen: ‘laat nu maar liggen schat, we ruimen het morgen wel op’.

Ik vind dat geld moet rollen. Tas spaarde voor als het eens tegenzit. Ik doe dit voor de maatschappij zei ik dan, economie moet draaien. Stiekem blij dat Tas de financiën deed en ik me dus niet volledig kon laten gaan. Na enige tijd samen kon Tas genieten van eens veel te veel geld uitgeven aan een heerlijk diner en op vakantie lette hij nooit op ons geld. En ik … ik dacht soms laat dat nu maar … voor als het eens tegenzit. Ik kon veilig zeggen dat verzekeringen niet nodig zijn, want Tas had ze allemaal al afgesloten, daar was ik zeker van.

Tas hield zich aan regels en wetten, terwijl ik het uitdagend vind om op de lijn te balanceren. Ik kan het niet laten. Later lapte Tas ook wel eens een regel aan zijn laars en ik doe burgerlijk alles volgens de norm.

Bij mij moet alles snel, terwijl hij geduldig was. Vandaag las ik – tot mijn eigen verbazing- rustig de uitleg van een nieuw toestel alvorens het uit te pakken.

Soms vond ik dat lastig: dat veranderd en aangepast zijn. Maar is dat niet de reden waarom we samenzijn? Het zijn maar een paar voorbeelden, want Tas heeft me op vele vlakken veranderd en beter gemaakt. Ik ben wie ik ben in relatie met hem, en hij was wie hij was in relatie met mij.

Nu weet ik het niet meer. Ben ik chaotisch of gestructureerd? Heb ik vertrouwen in de dingen die hij vertrouwde of juist niet? Moet het snel of moet het trager?

Mijn profielfoto is aangepast, want ik ken mezelf niet meer. Ik ben ook mezelf niet meer. Ik ben veel minder dan dat. Ik ben Nele zonder Tas.

Nele – 5 maanden na die noodlottige 8ste september 2015

 

98ed9db1deabfc0c32de243b60b406fb[1]

 

Muziek verzacht de zeden

‘Muziek verzacht de zeden’ dat zou ik vroeger heel hard verkondigd hebben. Daar geloofde ik rotsvast in.

Toen 5 jaar geleden Louise geboren werd net nadat mijn lieve vader overleed kwam het verdriet keihard binnen. De dood van mijn moeder kwam met 23 jaar vertraging weer helemaal opzetten. De moeder-dochter relatie die ik plots zag voor mij en Louise zorgde ervoor dat ik zag wat ik zelf gemist had. Er waren nog zoveel vragen waarop ik geen antwoord had gekregen. Vragen die ik niet aan mijn vader gesteld had, gewoon, omdat ik ze toen niet had.

Toen, 5 jaar geleden, besloot ik opnieuw muziek te spelen. Ik zou opnieuw notenleer volgen, iets waar ik minder prettige herinneringen aan over hield. Maar het leek me een noodzakelijk kwaad om goed te kunnen leren saxofoon te spelen. Ik was verkeerd. De notenleer was geweldig. Elke week opnieuw uit volle borst (in een klein groepje) mogen zingen was bevrijdend. Weliswaar een octaaf lager dan de meeste vrouwen en helemaal niet zo toonvast als zou moeten. Het hielp me in mijn verdriet. Elke week even weg van de realiteit. Tas genoot mee van mijn enthousiasme.

En toen Peter maar bleef aandringen om eens naar de harmonie te komen – het is heus geen bompapamuziek – bleek ook dat een super beslissing. Ik speelde net goed genoeg om mee te mogen doen maar slecht genoeg om me helemaal te moeten concentreren. Ik moest zo opletten om de juiste noten, het juiste ritme (bovendien probeerde ik af en toe eens naar de dirigent te kijken) dat ik opnieuw 2 uur per week helemaal aan niets anders kon denken.

Thuis speelde ik noten – de kinderen vonden het een stoomboot nadoen – maar in de harmonie werd het muziek.

Waarom kan ik dat dan nu niet? Ik kijk naar mijn instrument en voel alleen maar angst en pijn. Op het moment dat Tas zijn ongeluk had was ik vol enthousiasme begonnen aan privélessen jazz saxofoon. Ik zou mijn horizonten eens vergroten. Maar tijdens die eerste les … Hoe kan ik dat nu ooit nog opnemen? Waar haal ik de energie om iets voor mezelf te doen? En hoe hou ik het droog als de muziek binnenkomt?

Muziek verzacht de zeden. Louise en Tuur zouden me onmiddellijk tegenspreken. Want muziek roept herinneringen op, muziek zorgt voor verdriet. Als Louise huilt dan is de trigger vaak muziek.

Op de dag van het afscheid van Tas gingen we met enkele familieleden eerst binnen. De kinderen gingen even kijken naar de kist en mochten elk iets zeggen in de microfoon. Het leek wel  een feest met henzelf als eregasten. En toen ze de foto’s zagen op het grote scherm kon hun hilariteit niet op. Wat een gekke foto. En is dat ook papa? Toen was hij nog klein. Ik maande hen aan om straks toch een klein beetje rustig te zijn. Overbodig. Van zodra de eerste tonen van ‘hallelujah van jeff buckley’ de zaal binnenstroomden kwamen de tranen. Louise had tot dan toe niet gehuild maar kon nu niet meer stoppen. Het hele afscheid bleef ze hartverscheurend wenen.

Het was de muziek vertelde ze me achteraf. Die zorgt dat ik aan papa moet denken. Die muziek zegt dat hij niet meer terug komt. Nooit meer.

Muziek … verzacht de zeden. Muziek vertelt ons veel en we hebben er een beetje schrik van. Elk op onze manier.

 

Nele – geschreven 92 dagen na die noodlottige 8ste september 2015

 

Overspoeld worden

11214117_10207814167531908_4430089994978277175_n

overspoeld worden …
Overspoeld worden is wat er van je overblijft als de zee zich over je heen stort. Doorweekt dus. Onherkenbaar, machteloos, radeloos, eindeloos alleen. Een kleine zandkorrel die een beetje zee wordt.

Lieve, lieve, lieve Tas
Ik verdwaal in mijn gevoelens. Mijn verdriet voelt als de golven van de zee, soms eb maar vooral vloed

Kris, Tas, Tass’n, Monsieur, Papa, Lief, Schat, je hebt vele namen die ik allemaal in mijn hart bewaar. Je wou zo graag gezien worden Tas, het zo goed doen voor iedereen. En weet je wat? Je was ook echt graag gezien. Warm, joviaal, altijd klaar om te helpen en te luisteren. Ons netwerk is groot, heel groot, de vrienden ontelbaar.

Ik beloof je Tas ik zal niemand loslaten.

Louise, Tuur … toen jullie geboren werden. Dat was het mooiste moment in papa zijn leven. Jullie zien opgroeien vond hij geweldig. Samen spelen, knutselen, knuffelen, voetballen en heel, heel, heel hard supporteren voor de beste club van het land.

Ik beloof je Tas ik zal hel goed voor ze zorgen. En ik wordt vanaf nu ook gewoon blauw-zwart supporter.

Ons leven samen Tas was kort, veel te kort. We waren nog maar net begonnen. Het was intens, we hebben elkaar gezien, gehoord en gevoeld op de mooiste momenten in ons leven maar ook op de meest kwetsbare momenten. We waren op zoek om over de doorns heen de rozengeur te vinden.

Ik beloof je Tas ik zal die rozengeur blijven vathouden.

Je wou zo graag leven Tas. Dit ongeluk smaakt wrang en is ondraaglijk. Ik mis je. Ik mis je lijf dat mij en de kinderen knuffelt en kietelt, plaagt en verwarmt (je was mijn stoofke in bed), ik mis je oren die luisteren totdat mijn woorden op zijn, ik mis je handen die elk mankementje aanpakken, ik mis je armen die ons vasthouden, ik mis je ogen die ons zien zoals we zijn, ik mis je mond om te kussen. Ik mis je.

Ik beloof je Tas, hoe moeilijk leven ook zal zijn zonder jou. Ik zal proberen vertrouwen te hebben dat als de storm gaat liggen het strand bezaaid zal zijn met schelpen en stenen. We zullen elke herinnering koesteren.

Maar nu nog even niet. Nu sterf ik zelf een beetje.
Ik laat je nooit meer los.
Ik mis je.

Nele – geschreven 10 september 2015 (2 dagen na die noodlottige 8 september 2015)

Waar moet ik met mijn woorden naartoe

Follow my blog with Bloglovin

Soms als we in bed lagen en ik nog allerlei dingen wou vertellen vroeg je me zachtjes: ‘zijn je woorden alsjeblieft op voor vandaag?’ Je was moe en je wou slapen. Tas had ergens eens gelezen dat vrouwen meer woorden hebben dan mannen en dat die op moeten zijn op het einde van de dag. Nu je er niet meer bent Tas krijg ik ze niet kwijt. Ze borrelen op dag en nacht. Slapen gaat vaak niet. Waar moet ik nu met die woorden naartoe …

Ik twijfel al een paar weken of ik een blog zou starten. Een blog over rauwe rouw. Een blog over gemis. Een blog over angst voor de toekomst. Een blog ook over onze kinderen, hoe ze nu moeten opgroeien zonder jou.

Ik twijfelde, want we hadden samen ooit een gesprek over internet en privacy en vooral over de privacy van onze kinderen. Hoe zouden we het zelf gevonden hebben.  Opgroeien en merken dat onze ouders van alles over ons op het net hadden gegooid. Want dat plakt. Dat hebben we geleerd.

Ik heb beslist toch deze blog te starten. Omdat ik de toekomst niet kan zien en vandaag voel dat ik dit nodig heb. Even twijfelde ik of ik de namen van onze kindjes zou veranderen. Maar dat gaat niet. Het zou voelen als een ontkenning. We gaven ze samen die namen. Tuur en Louise. Zij zijn het die me vandaag overeind houden, die ervoor zorgen dat ik uit bed stap en de dag aanvang. Zij zijn mijn enigste bestaansrecht op deze wereld.

Elke dag kijk ik vol ongeloof naar die twee en ben trots op hen dat ze de ongelooflijke kracht hebben om elke dag opnieuw te leven.

Nele – geschreven 91 dagen na die noodlottige 8ste september 2015

He was my North, my South, my East and West,
My working week and my Sunday rest,
My noon, my midnight, my talk, my song,
I tought that love would last for ever. I was wrong.
uit: funeral blues van W.H. Auden

 

signature