Kerst-mis

Het gaat mis deze kerst, mijn excuses voor de flauwe woordspeling.

Het voelt toch echt mis aan. Kerst is sinds Tas er niet meer is, per definitie een moeilijke periode. Ik ben ondertussen vertrouwd met de vloed en eb van gemis, maar gewoon wordt het niet, nooit. Het verdriet zindert altijd ergens rond, maar vandaag voelt het schrijnender aan.

Ik link het ook aan wat er in ons land gebeurt. Het ontslag van de regering, zojuist aanvaard, is voor mij een teken van de steeds groeiende polarisering. Ik heb niets tegen verschillende politieke meningen, dat lijkt me democratie, maar … standpunten en meningen worden alsmaar belangrijker dan dialoog. Tuur leerde onlangs nog over de verkiezingen en daarbij vertelde ik dat het wijze mannen en vrouwen zijn die gekozen worden, over de partijgrenzen heen dienen ze het algemeen belang. In dialoog gaan lijkt me een eigenschap van wijsheid. In mijn beleving gaat het daar mis.

Waar ik nog meer van wakker lig is hoe de vluchtelingen- en migratiediscussie verwart wordt met hoe wij ons gedragen ten opzichte van de mensen zelf. Dat er, hopelijk wereldwijd een oplossing moet gezocht worden voor deze problematiek lijkt me evident. En dat één ieder daar een andere mening over heeft, kan voor mij wel. (Mijn mening is daarin ook heel erg uitgesproken.) Maar het voedt op de één of andere manier ook een angst naar de mensen die in die situatie zitten. In plaats van te luisteren naar mensen zie en voel ik hoe poorten en deuren gesloten worden, hoe mensen in hokjes geduwd worden. Terwijl … zij maken toch het beleid niet? Zolang er geen afdoende oplossingen gevonden zijn voor droogtes, overstromingen en andere klimaatproblematieken. Zolang er geen blijvende oplossingen voor conflictgebieden komen. Zolang er geweld en onrecht bestaat zullen mensen op zoek gaan naar betere omstandigheden voor zichzelf en hun kinderen.

Iemand die ik ken komt uit Nigeria. Ze vluchtte voor de vele ontvoeringen van kinderen en de opstoten van extreem geweld. Ze wou haar drie kinderen niet laten opgroeien in angst. Wie met haar praat en naar haar luistert, verstaat haar verhaal en zou niets anders gedaan hebben. Ik in ieder geval ook niet. Toch blijven voor haar vaak de deuren en poorten gesloten. Het is maar een voorbeeldje van hoe het misgaat in mijn ogen.

Maar toen was er mijn kleine Louise. Iemand had me aangesproken en we hadden het gehad over de kerstvakantie, en hoe een moeilijke vakantie ik dit vind. Hoe negatief ik dan alles zie. Eenmaal alleen vroeg ze me ernaar? Waarom vind je het mis? Ik vertelde dat ik met Kerst en Nieuw papa extra mis, en dat ik het daarom niet fijn vind. Ze keek me aan en zei ‘maar mama, daarom vind ik dit de leukste vakantie, omdat we dan papa nog meer mogen missen.’

Ik stond perplex. Ik moet zo ver niet zoeken naar wijsheid. En zolang er wijsheid is, is er hoop dat sommige dingen uiteindelijk goed komen. Ik wens jullie een fijne kerst, vol boeiende dialogen en met veel plaats voor gemis. En daar is niets mis mee.

Nele – geschreven 3 jaar, 3 maanden en 13 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

Louise

Balanceren

De eerste maanden van het schooljaar lopen op hun einde. De herfstvakantie staat eindelijk voor de deur. De eerste rapporten, de eerste oudercontacten, … ze zijn weer voorbij. Confronterende  momenten waarop ik voel hoe alleen ik ben in het opvoeden van onze kinderen.

Toen ik net mama werd, dacht ik nog – behoorlijk naïef en zelfs een tikkeltje hautain – opvoeden … piece of cake. Wat lach ik mezelf daar nu vaak om uit.  Ik mis Tas in elke stap, in elke beslissing, want opvoeden vind ik vandaag de moeilijkste taak die er is.

Eén van de grootste uitdagingen vind ik de voortdurende tweestrijd tussen zorg dragen voor en weerbaar maken van mijn kinderen die vaak tekenen van gekwetstheid laten zien. Balanceren tussen samen een nestgevoel cultiveren en hen net dat duwtje in de rug te geven om uit te vliegen en hun eigen dingen te ontdekken. De balans slaat soms naar de ene en soms naar de andere kant over.

Ik heb geen idee of het van deze of gene tijd is, maar ik vind onze samenleving vaak zo hard. Ook voor mijn kinderen. Ze moeten zo vaak vechten om hun plaats te vinden, om recht te blijven staan. Ze missen vaak de skills om met die hardheid om te gaan. Dan probeer ik ze weerbaarder te maken, en ga op zoek naar tips en tricks om hen daarin te helpen. Als de balans teveel daarin overslaat dan word ik weer overspoeld door verdriet en wil ik onze samenleving milder maken. Het is sowieso al moeilijk dat samen leven.

Als ik het over dat laatste heb, dan voel ik vaak weerstand. Hoezo de samenleving veranderen? Maar Nele, dat is vechten tegen de bierkaai, is vaak het antwoord. Gek! In mijn professionele loopbaan werkte ik altijd al voor organisaties die de samenleving willen veranderen. Daar mag het wel! En daar beweegt ook echt van alles. Neem nu in mijn huidige job, daar staat duurzaamheid voorop. Ik geloof ook echt dat we met z’n allen daar stappen in gezet hebben. De overgrote meerderheid is mee met het verhaal en ik bekijk vandaag bv glimlachend hoe je Oxfam producten kan vinden in de Colruyt. Was dat vroeger niet enkel voor de geitenwollensokkers?

Of toen we vorige week gingen stemmen? Iedereen die ik hoorde, stemde toch op een partij omdat die een visie had. Omdat die ‘iets’ in de samenleving wil veranderen. Dus daar mag het ook!

Misschien moet ik dat doen? Een partij van de mildheid oprichten of een vereniging. Zou ik er dan wel in mogen geloven?

Of sta ik hierin toch alleen? Is het omdat Tuur, Louise en ikzelf zo geraakt zijn in de kern van ons bestaan dat we onze weerbaarheid kwijt zijn en de dingen té snel als ‘hard’ beschouwen?

Straks is het 11 november. 100 jaar geleden dat de wapenstilstand getekend werd. Toen was dat belangrijk. We hebben die harde oorlog herdacht en we dachten zelfs even nooit meer… We kregen er een feestdag voor. Vandaag kozen onze ministers voor de aankoop van 34 gevechtsvliegtuigen.

Dan toch maar weer voor weerbaarheid kiezen?

Nele – geschreven 3 jaar, 1 maand en 17 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

gat

 

 

 

Niet dood zijn is ingewikkeld

8 september, het liefste stond ik niet op, bleef ik achter in een droomloze slaap. Energie die komt en gaat. 8 september, een dag waar woorden en gevoelens chaotisch door elkaar flitsen in mijn hoofd.

September, een maand van zinnen vol verleden tijd. Zoals: ‘vake zou 70 jaar geworden zijn, Tas zou het ook fijn gevonden hebben’ én ‘hier zou hij om gelachen hebben’ of ‘wat zou hij nu trots op jullie zijn’. 

Aarzelend kijkt Louise me aan en vraagt ‘3 jaar?’. In het tweede leerjaar kan je best al goed rekenen. De kaarsen in de straat tonen de reikwijdte van gemis. In de verte hoor ik een kind zijn papa roepen. 

Hoe omschrijf je radeloze eenzaamheid, verterende verlies en snijdende pijn in een wereld waar iedereen volop leeft?  Ik geef het op, en probeer gewoon te doen. Praktisch. Het helpt, voor even. 

Straks  in bed, met z’n drieën. Ik hoop op een droomloze slaap in de tegenwoordige tijd. Niet dood zijn is ingewikkeld. 

‘Kom terug.
Als ik die woorden eens zo
zacht kon zeggen
dat niemand ze kon horen,
dat niemand zelfs kon
denken
dat ik ze dacht …

en als iemand dan terug
zou zeggen
of desnoods alleen maar
terug zou denken, 
op een ochtend:
‘ja’. 

Toon Tellegen

Nele -geschreven 3 jaar na die verschrikkelijke 8set september 2015. 

 

 

 

 

Duizend en één nacht

Ken je het verhaal nog van duizend en één nacht?

De Perzische koning werd bedrogen door zijn vrouw en hij laat haar ter dood veroordelen. Voortaan besluit hij elke avond een nieuwe maagd te huwen die hij elke ochtend laat doden, zo kan hij nooit meer bedrogen worden. Tot hij de vertelster van duizend en één verhalen, ontmoet. In hun huwelijksnacht vertelt ze hem een verhaal, maar maakt het niet af. Om te weten hoe het afloopt spaart de koning haar. De volgende nacht komt het vervolg. Als het verhaal uit is begint ze aan een nieuw verhaal. Ze houdt het lang vol. Wanneer de verhalen uiteindelijk ten einde zijn, is de koning zo van haar gaan houden, dat hij haar gratie schenkt en ze zijn definitieve vrouw mag worden.

Liefde die groeit in duizend-en-één nachten. Mijn duizend en één nachten zonder Tas zijn al lang om, dat was ergens begin juni. De liefde niet. Omgekeerd lukt het voor geen meter.

Ik zit soms urenlang te wachten tot je thuis zou komen, maar je verschijnt alleen in mijn gedachten. De verhalen die ik voor je opspaar, stapelen zich eindeloos op in mijn barstende hoofd.

Die verhalen, ze gaan over liefhebben en kinderen die je niet ziet opgroeien. Ze gaan over verdriet en jouw hand dat ik niet kan vasthouden. Ze gaan over gemis en glinsteringen in je ogen waar ik niet in kan kijken. Ze gaan over bang zijn en je zoenen niet meer proeven. Ze gaan over alleen zijn in een wereld vol met vrienden. Ze gaan over een tekort want vier past beter dan drie. Ze gaan over tranen ’s avonds in de thee en ’s ochtends in de koffie. Ze gaan over seizoenen die voorbij razen, sneller dan duizend en één nachten en jij die niet meer naast me ligt.

Nele, geschreven duizend en vijfenvijftig nachten na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

CIMG2111

 

 

Kwetsbaar voelen

‘Het zou je vandaag helpen als je je kwetsbaarheid zou tonen’ zo zei ze het, die vriendin van me. Ze helpt me, elke keer weer om in beweging te blijven, om niet in een hoekje te gaan wenen. De gedachte gaat evengoed op voor haarzelf. Dat helpt ook, want dan ben ik niet alleen.

Ik moet er maar de hele tijd aan denken. Kwetsbaarheid tonen. Kan dat? Mag dat? En kan ik dat?

Het klopt wel dat het me uitput om telkens aan te voelen of het gepast is om weer maar eens gewoon te grienen bij alles wat ik voel en wat er gebeurt. Elke dag is er wel iets dat me raakt want er is namelijk niets verandert aan de situatie. Tas is dood, en dat blijft hij. Voor altijd. Het enigste dat er gebeurde is dat er tijd voorbij is gegaan… en met die tijd voel ik Tas vaak verder en verder van me verwijdert, waardoor het verdriet soms groter en groter wordt.

Kan ik elk drama vertellen? Dat het vaderdagweekend verschrikkelijk was, dat ik foto’s trek van onze mooie kinderen om nooit meer met hem te delen, dat Louise het moeilijk heeft en lastig doet, dat Tuur aandacht vraagt door pijn heel erg uit te vergroten waardoor hij voor niets op de spoed terecht komt, dat Louise terug hervalt en hulp nodig heeft bij het aankleden en zelfs weer eens in haar broek plast,…? Kleine drama’s die ik eigenlijk wil delen …

Er zit een stop op empathie en meegaan in een ander zijn verdriet. Die stop zit bij anderen, maar ook bij mezelf. Ik laat mezelf niet toe om het elke keer te delen, omdat ik een soort inschatting maak. En dus slik ik vaak en reageer niet als iemand het heeft over de voordelen van weduwe zijn (voordelen??) of als ik een oordeel (waarschijnlijk soms verkeerd) aanvoel van anderen. Ik negeer de signalen van mijn lijf en maskeer ze met pijnstillers.

Ik voel me zo verloren in mijn eigen verhaal. Eindeloos op zoek naar wie ik nu ben en hoe ik moet functioneren. Ik negeer mijn eigen grenzen om er dan later keihard mee geconfronteerd te worden. Telkens en telkens opnieuw toon ik mijn kwetsbaarheid niet om er nadien de gevolgen van te voelen in mijn hoofd en mijn lijf.

En zelfs als het mag van de ander, lukt het me vaak niet. Is het aangeleerd gedrag? Waarschijnlijk voor een deel. Is het de maatschappij waar geen plaats is voor blijvend verdriet? Waarschijnlijk voor een deel. Is het omdat ik verloren gelopen ben en niet meer weet hoe ik  moet delen? Waarschijnlijk voor een deel.

Laat dit dan een poging zijn.

Nele – geschreven 2 jaar, 9 maanden en 9 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015 (het voelt als gisteren)

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

 

Op zoek naar zekerheid

Mijn kinderen groeien, ik zag het vandaag.
Ze groeien in hun voelen en denken.
Vandaag, na een volgeboekte werk- en schooldag, namen we met ons drieën tijd om samen te eten in de Ikea. Voor ons een gekke plek, waar we anoniem denken aan Tas die op die dag op weg was naar daar …

Terwijl we de verplichte balletjes met frietjes eten, denken we aan hem.
Louise vraagt heel ernstig ‘Mama, denk jij dat we papa nog gaan terugzien?’ Waanzinnig moeilijke vraag! Ik antwoord zo eerlijk mogelijk. ‘Ik weet het niet!’. Waarna allerhande theorieën de revue passeren.  Sommige mensen denken dat je iemand kan terug zien in de hemel. Louise vindt het absurd: papa zit onder de grond, hoe kan hij daar ooit geraken. Tuur proeft het woord “ziel” in zijn mond, maar is te ongeduldig en wil niet wachten tot zijn eigen dood. Misschien is hij een geest en roept hij nu naar ons ‘hier ben ik!’ Ik voel mijn eigen buik draaien en vind plots dat ik nog eerlijker moet zijn. ‘Ik geloof niets’ zeg ik. ‘Ik denk niet dat ik papa terug zal zien en ik denk dat als ik sterf alles weg is voor mij. ‘ Ik probeer te voelen of ze dit verschrikkelijk nieuws aankunnen. ‘Ik kan papa moeilijk voorstellen zonder lijf’ hoor ik me zeggen en verzacht nadien … ‘Dat is moeilijk hé, kinderen, … ik begrijp dat het gemakkelijker is als je wel in iets gelooft.’ Dat beamen ze. En ik laat hun weten dat iedereen mag geloven wat hij of zij zelf wilt … zij dus ook!

Ik had ze graag wel zekerheid gegeven. Maar dat kan ik niet. Echt niet.

Dat lijf, dat is zo belangrijk voor me. Ik moet mijn ogen sluiten om hem te zien. Ik doe het soms bewust! Dan denk ik aan de kleur van zijn ogen, dat kleine stukje oor dat wat versleten was (zo benoemde ik dat toch, toen hij er nog was), de textuur van zijn huid met zijn littekens waar je niet aan mocht kriebelen omdat ze gevoelig waren (en wat ik uiteraard heel wat keren probeerde). Ik probeer zijn geur op te roepen en hoe het voelde als hij een stoppelbaardje liet staan. Dan denk ik aan hoe het was als hij zijn armen om me heen sloeg ’s morgens, net voor we uit bed moesten voor de dagelijkse routine. Hoe ik dan soms heel bewust mijn ademhaling aanpaste aan die van hem.

Soms durf ik dat allemaal niet, omdat ik bang ben dat mijn grootste angst zal uitkomen en dat ik hem niet meer zal kunnen oproepen in mijn hoofd. Dat de beelden vervagen en ik hem opnieuw verlies.

Ik had graag wel zekerheid gehad, dat ooit… Maar dat geloof ik niet. Echt niet. 

Nele – geschreven 2 jaar, 8 maanden en 10 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015Afbeelding86

 

Wonderlijk lentefeest

Lieve Tas,

Gisteren vierden we de lente en Louise.
Het werd een wonderlijk lentefeest.
Je zou genoten hebben.

Ze is al zo groot, jouw dochter …
Ondertussen met lange haren en lange wimpers.
Ze kan nu lezen en schrijven en nog zoveel meer.
Je zou trots geweest zijn op haar.

Tuur, nu echt een hele grote broer …
had het over zijn eigen lentefeest en over hoe het was
toen jij er bij kon zijn.

Je familie en je vrienden waren er.
En de nieuwe vrienden van Louise.
Ze hielpen allemaal en we maakten er een feest van zoals jij dat ook zou doen.

Het was fijn.

Alleen jij was er niet.
Ik zag je overal … niet.
Ik voelde je elk moment … niet.

En terwijl je zo afwezig was.
Was je overal.
En voelde ik je overal.

Het was een wonderlijk lentefeest.

Nele – geschreven 2 jaar, 8 maanden en 5 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

 

De kracht van woorden

Wat schrijf je naar iemand die iemand dierbaar verloor? Hoe kan je iemand troosten die ontroostbaar is? Hoe kan je laten weten dat je aan iemand denkt en dat het verdriet ook voor jou tastbaar is?

Ik schrijf ze vaak, kaarten en brieven naar mensen die in mijn hart zitten en die verdriet voelen. Tot mijn verbazing merk ik dat dit niet voor iedereen evident is. Iemand vroeg het me. Hoe doe ik dat? Hoe begin ik daaraan? Ik ging even zoeken op het net om te kijken of er ergens tips gegeven worden … opnieuw kwam ik tot de constatatie dat er weinig voor handen is. En dus besloot ik dat dit onderwerp hier een plek mag hebben.

De voorgedrukte kaarten, de zinnetjes als ‘sterkte in deze droevige dagen’ of ‘innige deelneming’ zijn natuurlijk beter dan helemaal niets van je laten horen, maar ze zijn zo  zo pover en ontoereikend naast het grote verdriet dat iemand voelt als hij of zij een ouder, een kind of een partner verloor.

Ikzelf schrijf liever een brief dan een kort kaartje en ik neem daar de tijd voor. Soms denk ik dagen aan die persoon alvorens ik me neer zet om tijd te nemen om te schrijven. Want wat is een half uurtje me concentreren vergeleken bij levenslange verdriet. Niets toch? Dus dat is de eerste tip! Neem tijd!

Een tweede tip is herkenning en erkenning. Ik omschrijf mijn gevoel: machteloosheid, verdriet, wortels die uitgerukt zijn, … Herkennen en erkennen van verdriet zijn zo krachtig, veel krachtiger dan raad waarbij je mensen opdrachten geeft die ze onmogelijk kunnen uitvoeren. ‘Wees gelukkig met je herinneringen’ is een voorbeeld van een onmogelijke opdracht die verdriet fnuikt. Daarin erken je niet dat het nu even niet zal gaan. Je kan daarbij ook altijd zeggen dat je het niet gemakkelijk vindt om de juiste woorden te vinden.

Verhalen en herinneringen zijn in mijn ogen de mooiste cadeaus die je mensen kan geven. Dus kende je de overleden persoon? Ga dan in gedachten eens terug naar een concreet moment. En schrijf dat moment dan op, maakt niet uit of je mooie woorden gebruikt of niet. Omschrijf wat die persoon deed, wat hij of zij vertelde en hoe jij je daarbij voelde. Dit kan gaan over een vakantie die jullie samen beleefden, een mop die hij of zij vertelde, een mooie wandeling die jullie maakten, een verhaal die hij of zij vertelde, een concert waar jullie samen naartoe gingen. Omschrijf het en laat weten dat je dat zal missen. Het is een krachtige manier om te laten weten dat ook jij deze persoon graag zag / ziet.

Is het voorgaande te moeilijk? Bedenk dan eens wanneer jij aan de overleden persoon denkt. Is er een plek waarbij je niet voorbij kan gaan zonder aan hem of haar te denken, is er een liedje dat herinneringen naar boven haalt? Benoem dan dit en vertel waarom je juist dan moet denken aan die dierbare persoon.

Wat ook altijd mooi is, is om de achtergebleven persoon te laten weten hoe de overledenen liet weten dat hij hen graag zag. Zo liet iemand me weten dat Tas op zijn werk altijd vol trots vertelde over zijn gezin, over mij en de kinderen. Of iemand vertelde me dat Tas heel erg zorg droeg voor zijn materiaal en dat ze het niet oneerbiedig bedoelde maar dat de kinderen en ik ook een beetje zijn ‘gerief’ waren. Deze boodschappen draag ik  dicht bij mijn hart.

Dit was de derde tip. Omschrijf een concreet verhaal / moment en toon daarmee hoe je deze persoon liefhad en hoe hij of zij gemist zal worden.

Als je de overleden persoon niet persoonlijk kende, dan ben je met bovenstaande tips natuurlijk niet veel. En toch! Want je kent de achtergeblevenen. Je kan de verhalen uit tweede hand vertellen. Bv. ‘Weet je nog hoe je kwam vertellen dat je verliefd was geworden?’ En dan vertel je dat verhaal. Zo vertelde een ex-collega van me hoe hij alle stappen in mijn verliefd worden op Tas nog kan voelen. Hoe ik blij op het werk aankwam, hoe ik vertelde over Tas.

Op een begrafenis, een afscheid of uit verhalen leer ik trouwens vaak iemand kennen, en dan herken ik bv trekken van iemand van zijn vader of een karaktereigenschap van haar moeder. Die benoem ik dan. Want hoe mooi is het, dat je verder kan leven in je kinderen. Vaak wil dit zeggen dat ik na de begrafenis nog eens in mijn pen kruip.

En zo kom ik bij mijn vierde tip. Bij de vraag wanneer schrijf je zo een brief of een kaartje?  Dat doet er niet toe! Maar doe het. Niet eenmaal, maar meerdere malen. Want het is niet omdat iemand voorzichtig de draad van het dagdagelijkse leven terug opneemt dat het diepe verdriet weg is. En de tijd is meedogenloos. In een oogwenk is een jaar voorbij, terwijl er geen enkele dag voorbijgaat … Dus zelfs na één, twee, vijf of twintig jaar kan zo een brief nog steeds. Zeker op de ‘grote’ momenten van het leven waarbij het gemis vaak het hardst komt opzetten, helpt het als iemand daaraan denkt. Bij een lentefeest of een communie, bij een trouw of een belangrijke datum. Maar zelfs bij de seizoenswissels of een vakantie kan een woord veel betekenen. Ik hoop dat mijn zoon zo een brief kan krijgen als hij ooit trouwt of mijn dochter als ze een kind krijgt. Een kaartje waarin staat hoe haar vader trots zou zijn. Een briefje met wensen van Tas zijn beste vrienden die even zijn plaats innemen. Cadeautjes die meer waard zijn dan al het geld van de wereld.

Blijf je dit een moeilijke opdracht vinden? Lukt het dan toch niet om een letter op papier te zetten? Stuur dan af en toe een mooie kaart die je zorgvuldig uitkiest en zet er op dat je denkt aan die persoon. Een mooi gedicht kan zeker ook, want er zijn pareltjes te vinden … als je even zoekt. En tegenwoordig kan je via internet in no time een bloemetje laten afleveren. Laat iets van je horen en toon hiermee begrip aan die ander om zijn of haar verdriet.

De manier waarop is ondergeschikt aan de boodschap. Een Messenger berichtje of een whatsappje komen evengoed bij me binnen. Al zegt het zorgvuldig uitkiezen van een kaartje wel iets over de tijd die je een ander gunt. En persoonlijk blijf ik de post hierbij een bondgenoot vinden.

Denk je nu aan iemand, terwijl je deze tekst las. Neem dan even de tijd, pak je pen en papier en laat het weten aan die persoon. Ik ga dat ook doen, want er spoken hier een paar mensen door mijn hoofd die weten wat verdriet is. Mensen die ik de moeite waard vind om hen te laten weten dat ik aan hen denk. Want verdriet gaat nooit voorbij, je kan er alleen maar mee leren leven.

Nele – geschreven 2 jaar, 6 maanden en 27 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

tears

Speciaal voor jou

Lieve schat,

Tuur scoorde op het veld vandaag, speciaal voor jou.
Louise zong een lied vandaag, speciaal voor jou.
Ik drink er eentje meer vandaag, speciaal voor jou.

Lief, ik mis!

Wie een kaarsje wil aansteken voor Tas vandaag kan dat door te klikken op de volgende link https://ikmisje.eo.nl/monumenten/tas.2579

Nele – geschreven op de dag dat je 46 zou worden.