kinderen als leermeester

Tas is nu meer dan 7 maanden bij ons weg. Ik las ergens dat rouw zoiets was als het dragen van een hemd. De ene keer zit het losjes en voelt het wel ok, de andere keer prikt het hemd je en soms zit het zo verschrikkelijk strak dat je niet kan ademen.

De dood is in ons leven allom aanwezig. Dagelijks gaan mensen dood, aan een ziekte, van ouderdom of plots, onverwacht. Ieder van ons wordt ermee geconfronteerd. De één al wat vroeger dan de ander, de één al wat meer dan de ander. Maar niemand, niemand kan de dood ontlopen.

Er zijn heel veel mensen die al eens een hemd over hun hoofd getrokken kregen en voor hen is het soms gemakkelijker om te weten hoe dat voelt. In mijn omgeving voel ik veel steun. Door een hoofdknik, vaak hele dikke knuffels die letterlijk de spanning even wegnemen, een woordje van erkenning, een duim of een hartje op Facebook, een bezoekje, een mailtje of berichtje met een praktisch idee.

Hoe meer de tijd verstrijkt, hoe meer ik de behoefte voel om over Tas te praten, om over onze gevoelens te praten. De voorbije twee weken waren loodzwaar. Een bezoek aan het parket waar het anders uitdraait dan ik verwachtte, regelingen voor de erfenis die niet altijd lopen zoals ik zou wensen, praktische beslommeringen in huis en dingen die stuk gaan, een evenwicht vinden tussen verantwoordelijkheid op het werk en de zorg voor de kinderen, … Als dan iemand gewoon even zegt: ‘Het is zwaar hé!’ dan betekent dat zoveel erkenning dat ik er weer een paar uur tegenaan kan.

En dan zijn er anderen. Enkelen maar. Toch valt dit me zwaar. Enkelen die niets bespreekbaar maken. Die niets zeggen, geen erkenning, geen gebaar. Enkel stilte. .

En dan kijk ik naar mijn kinderen en hun schoolkameraadjes. Dan zie ik hoe zij de vaardigheid om te praten en te delen zo puur en ongedwongen uitvoeren. Louise kan naar een papa van een vriendinnetje toestappen en duidelijk maken dat ze een knuffel van haar papa mist. Tuur praat met zijn vrienden over verlies en dood. Grote thema’s waar die kinderen op een o zo mooie manier mee omgaan. Kinderen voelen haarscherp aan dat de ander het even moeilijk heeft en in geen tijd weten ze de oorzaak. En elk op hun manier helpen ze Tuur en Louise. En daarmee ook mezelf.

We zouden zoveel kunnen leren van die kinderen. We moeten gewoon eens naar ze kijken en naar ze luisteren.

Ik hoop dat ze die vaardigheden vasthouden en als ze later iemand tegen komen met verdriet dat ze iets zeggen, doen, een teken geven. Alles … maar niet doodzwijgen.

Want dat zwijgen is zo kwetsend.

Nele – geschreven 7 maanden en 8 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

 

 

Lofdicht op de liefde

Tas,

10 april 2006, 10 jaar geleden. De dag dat ik je voor het eerst zag. Ik zie je nog staan in je lange jas in dat dorpje in de Ardennen. Breed lachend. Vol hoop op een nieuw liefdevol leven.

Wat was het vluchtig, dat mooie, volle leven samen. Zo vluchtig als een briesje onder een zomerrok.

Ik klamp me wanhopig vast aan herinneringen. Herinneringen aan een gewoon leven dat voor ons buitengewoon was. Jij was het die ons de liefde leerde kennen. Een zorgvuldig en geduldig opgebouwde liefde, waar tijd nemen voor elkaar belangrijk was. Met intimiteit als sleutel.

Ook bij ons, zoals bij zovelen, konden zorgen en de snelheid van het leven ons prikkelbaar maken. Soms werden verwijten woorden en leken alleen nog maar te kwetsen. Dan kwamen je armen die vastnamen met zo een kracht dat de vertwijfeling verdween als een sneeuwvlokje dat al ontdooid is voor het een uitgestoken hand bereikt.

Beminnen totdat de waanzin de rede overnam. Een tedere dialoog tussen twee lichamen. Ik mis jouw liefkozende strelingen op mijn huid, het ritme van je hartslag en het geluid van je ademhaling. Perfecte harmonie. Ik mis je zijn die mijn zijn compleet kon maken.

Ik voel me zoals op het einde van een goed boek. Verweesd en beduusd dat het verhaal ten einde is.

Nele – geschreven 7 maanden en 6 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

als je schuilen wil, schuil dan bij mij
dan ben je veilig voor de regen
en als je warmte wil, schuif dan dichterbij
niets of niemand houdt je tegen
ben je het noorden kwijt
vraag het dan aan mij
ik ken de wind en al zijn wegen
en als ik volgen mag zeg dat tegen mij
niets of niemand houdt je tegen

mag ik mijn trauma’s, mijn wanhoop en chagrijn
en mijn neuroses met je delen
en mocht je ziel niet openstaan voor mij
dan zal ik je hart wel stelen

niets of niemand houdt dat tegen
Ik zal je geven wat ik geven kan
‘k heb al zoveel van jou gekregen
als jij mijn man wil zijn dan word ik dus je vrouw
niets of niemand houdt ons tegen

Vrij naar  Niets of niemand – Bart Peeters

Italië op de moto 215

 

 

 

Een prinses voor Werner

Deze avond bracht ik Werner een laatste groet. Mijn nonkeltje (ik zei het vaak in verkleinwoord tegen hem – hij was ook kleiner dan me) lag zo mooi en vredig. In zijn eigen huis, in zijn eigen bed, onder zijn eigen deken. Ik dacht aan de gesprekken die we hadden, zijn filosofie en zijn rotsvast geloof. Zijn mildheid en zijn vastbeslotenheid.

Toen ik, al even geleden, bij hen kwam babysitten dook ik soms in zijn boeken, en ook de fotoalbums heb ik wel eens opengeslagen. We hebben wel wat gemeen: een scoutsverleden, een passie voor schrijven en misschien zelfs een wereldbeeld. Ik ben eigenlijk wel trots dezelfde naam te dragen.

Mijn kindjes weten wie Werner is, jouw nonkel hé mama. Werner had kanker, ook dat weten de kinderen en Werner is nu overleden. Ze zeggen dat ze daarvoor veel verdriet hebben en laten ondertussen geen traan. Maar ze vragen en vragen. Dit zijn zulke mooie serene gesprekken. Over hun geloof dat Werner nu misschien wel papa zal tegenkomen, dat het niet eerlijk is, dat er nu weer veel mensen verdriet hebben.

Deze avond bracht Louise Werner een laatste groet. Toen ik vertelde dat ik nog even bij hem langs wou gaan was Louise onmiddellijk overtuigd. Ik ga mee. Tuur niet. ‘Ik denk dat ik dat eng zal vinden en dan bang zal zijn.’ was zijn opmerking. Goed. Zoiets mag je gewoon zelf beslissen. Dus Tuur ging naar vriendjes en Louise ging mee. Ze was helemaal op haar gemak bij Werner, vroeg soms eens iets kleins en had alles gezien. Toen ik zachtjes weende stak ze haar handje uit om mijn tranen op te vangen. ‘Ik zal ze voor je wegdoen mama, de tranen.’

Werner is niet alleen , hij heeft een papieren vlinder en bloemen, tekeningen en een kruisje. Maar vooral … Werner heeft een prinses bij hem. Eentje gemaakt van strijkparels. Ee prachtige prinses. Eentje speciaal voor Werner.

Stil samen zitten met mijn dochter bij Werner en zijn prinses. Het was eigenlijk een heel mooi moment. Toen ik wou opstaan fluisterde ze : ‘blijven we nog even’. En ik voelde dat zij, mijn kleine meisje van 5 dit moment ook prachtig vond.

Slaap maar Werner, ’s nachts maar nu ook overdag, die mooie prinses zal wel waken. En als je straks per toeval toch ergens beland waar je Tas tegenkomt vertel het hem. Dat we van hem houden voor eeuwig en eeuwig.

Nele – geschreven 7 maanden en 4 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

Overlevering

Tas
Tas was de plezantste thuis.

Toen we in Gent woonden hadden we een draaitrap (in Merelbeke trouwens ook). De trap stond in een donkere gang en vaak ging ik naar boven zonder het licht aan te doen. Tas verstopte zich soms onder die trap en nam dan plots mijn enkel vast. Gillen!

Ergens ver in een verleden gingen we samen op bezoek bij een vriend. Tas ging op handen en voeten voor de deur zitten nadat hij aanbelde. En toen die vriend opendeed begon hij te blaffen als een hond. Gieren!

Tas belde vriendinnen op (vrienden zijn moeilijker te strikken) en dan ging hij hele verhalen op: van ijskasten die niet geleverd konden worden tot politie die een fiets had gevonden. Genieten van de reacties!

Tas.
Tas was een handige harry.

Eigenhandig werd het huis gestroopt om nadien weer op te bouwen. Dan kwam hij thuis (we woonden niet Merelbeke toen we zwaar verbouwden) en meldde dat hij een lichtstraat had gemaakt. Een gleuf in een muur.

Tas hielp bij het leggen van de elektriciteit, het gieten van de chape, het metsen van een muur, het plaatsen van verwarming, …

Op reis kwamen we vaak dingen tegen die ik mooi vond. Ik vroeg dan altijd. Liefje? Kan jij dat ook maken? Ja hoor was altijd het antwoord en trok ik een foto. Ik had een folder vol met ‘nog te maken projecten’.

Tas.
Tas was mijn veilige haven.

Ook al zei ik wel eens: ‘ik heb ook een rijbewijs hoor’ , ik was stiekem blij dat hij het stuur nam en ons veilig thuisbracht. Elke keer weer.

Ook al kon ik er van genieten om eens een avond alleen thuis te zijn. Het voelde veilig aan als hij later bij me in bed kroop. Zelfs als het eens niet boterde was ik er rotsvast van overtuigd, Tas laat ons niet alleen. Tas ziet ons verschrikkelijk graag.

Tas.
Tas had de controle.

Hij verloor nooit de controle en het overzicht. Tas kon je zeggen hoe lang het duurt in ons huis om van 18° naar 20° te gaan en per maand werd opgeschreven of dat veranderde. De hardheid van het water, de instellingen van elke machine. Hij had het allemaal onder controle.

Tas deed de administratie. Hij hield de bankzaken, de belastingen, de betalingen en de papieren. Hij had zicht op elk detail.

Tas.
Tas hielp graag.

Hij ging ’s avonds weg om lampen op te hangen bij een vriendin die alleen kwam te staan. Hij vond het leuk de keuken van een vriend te helpen installeren en hij had maar 1 woord nodig om een dagje te komen klussen op mijn werk.

Als iemand vroeg om te helpen in de buurt stond hij klaar. Boompjes helpen planten voor de school, het gras afdoen bij de buren of een verhuis.

Tas.
Tas hield van mensen bij elkaar brengen.

Tas hield van feesten organiseren. Elke reden was goed. Zo vierden we de nationale feestdag van Frankrijk in onze tuin. Verstopten menige keren paaseieren voor een bende vrienden of voor familie.

Tas organiseerde jarenlang privénieuwjaarsfeestjes in café de Hemel. Alles tot in de puntjes verzorgd in thema. En als kers op de taart een heuse speech over alle genodigden.

Hij was vereerd met de titel van verantwoordelijke voor T@sproductions. Uitstappen, weekendjes, alles was ok. Als het maar mensen bij elkaar bracht.

Tas.
Tas was een familiemens.

Zijn familie stond op de eerste plaats. Hij hield van hen, en zorgde voor hen. Hij deed hun administratie, zorgde voor praktische dingen en was diegene die bij ruzie of onenigheid tussen kwam.

Hij hield oneindig veel van zijn kinderen en genoot ervan om hen exclusief aandacht te geven. Een potje voetbal met Tuur, een gezelschapspelletje met Louise. En ’s avonds, elke avond gezellig samen in de zetel.

Ik hield van hem.
En hij van mij, ik wou dat hij me dat nog eens kon zeggen.

Nele  – geschreven 7 maanden en 2 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

 

 

 

Tas, liefje, neem je even over?

Voor het eerst heb ik moeite om iets te schrijven.
Moeite, moe..  zo verschrikkelijk moe.

Het enige dat ik wil is onder een deken liggen en vooral niets denken, niets voelen.

Louise en Tuur die hebben nog toekomstplannen, die van mij liggen in diggelen. Louise wil graag (oh wat een verrassing) nummer 4 van K3 worden. Ze oefende vandaag ‘hoofd omhoog, borst vooruit, we kunnen alles aan als we samen zijn’. Ik glimlach en ga verder met zware benen.

Dat is wat ik doe, hoofd omhoog en verder gaan. Mijn schouders doen pijn van dat omhoog houden. Mijn lijf protesteert … de zetel roept. Maar ik ga verder en help Tuur met de lego.

Ik maak koffie maar vergeet een tas onder het machine te zetten, ik wil wat drinken geven aan een kind en laat een glas vallen, ik bezoek mijn schoonmoeder en rij de verkeerde kant van de autostrade op. (Van Ternat is het dan even zoeken.)  Ik doe de was en ik steek een rood deken bij de witte handdoeken.

En ik foeter en ik vloek en ik huil.

Moeite om dingen juist te doen.
Moeite, moe … zo verschrikkelijk moe.

Tas, neem je even over? Heel even maar!

Nele geschreven bijna 7 maanden na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

DSC_0913

 

 

 

Ze zeggen dat het overgaat

‘Ze zeggen dat het overgaat’. De titel van een boek waar ik wat aan heb.

Ze zeggen dat het overgaat. Ze zeggen dat de pijn zal verstillen. Ze zeggen dat het verlies zachter zal worden.

Iedere mens is uniek en iedere relatie is anders. Twee zussen hebben iets speciaals, een broer en een zus is iets anders. Met die ene vriendin deel ik dit en met die andere vriendin doe ik dat. Ze zijn allemaal even waardevol maar anders.

Soms heb ik met mensen een gesprek over geluk. Steeds meer duikt bij anderen een soort hoop op dat ik nog geluk mag vinden. Alleen, hetzelfde of anders, met anderen. Ik weet het niet, ik heb er geen vertrouwen in dat ik nog oprecht gelukkig zal kunnen zijn. Het is té zwaar: leven.

De unieke relatie die ik had met Tas ben ik kwijt en komt nooit meer terug. Definitieve woorden die niet meer omgedraaid kunnen worden. Hetzelfde geldt voor mijn kindjes. Een vader – zoon relatie kan nooit vervangen worden en een vader-dochter relatie is zo uniek dat niets eraan kan tippen. Natuurlijk kunnen er andere relaties ontstaan die ook waardevol zijn. Maar nooit, nooit hetzelfde.

En dat doet pijn. Soms hoor ik (en denk ik zelf) ‘ze zullen niet weten wat ze missen’.

Eigenlijk weet ik zelf uit ervaring dat dat niet klopt. Zelfs na 28 jaar doet het nog pijn dat ik de relatie met mijn moeder niet ten volle heb kunnen beleven. Alsof ik niet kan dromen van hoe het zou kunnen geweest zijn? Alsof ik niet zou beseffen wat mijn moeder en ik gemist hebben. En ik weet wel, ook na de dood van moeke en die van vake was ik wel nog gelukkig. Met Tas.

Nu wens ik enkel nog genoeg geluk voor mijn kinderen. En genoeg veerkracht om daarin te blijven geloven.

En ik wens elke relatie die ik heb te koesteren.

Gedachtenis

Ze zeggen zoveel. Dat het went.
Dat de tijd een helende mantel is.
Zoveel dat het overgaat als griep,
vervaagt in het stof van de dagen.

Maar het blijft hangen als mist op
mijn haar. Ik overwinter in verdriet
om hoe het was, had kunnen zijn.
Jij bloeit liever dan ooit voordien,

met nog zachtere kleuren van leven,
hoewel ze zeggen dat het niet mag.
Ze zeggen zoveel. Of liever nog niets.
En dat went nooit.

Mark Naessens uit ‘Met twee messen’, Lannoo, 1996

Nele – geschreven 6 maanden en 26 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

van streek

Schrijven helpt, … tegen al die verschillende gevoelens … al die verschillende reacties. Ik weet zo vaak niet wat ik ermee moet. Het zijn vaak de kleine dingen, de kleine opmerkingen die me van streek maken. Onhandigheidjes van mensen in hun zeggen en hun doen. Of gewoon mooie gebaren tussen mensen.

Een liefdevol gebaar tussen een man en vrouw, een koppel dat hand in hand loopt, een traktatie voor een blijde gebeurtenis in iemands leven op een verkeerd moment voor mij, iemand die achteloos verteld over het gemis van iemand die twee daagjes weg is, iemand die denkt te helpen door te relativeren, …

Deze dingen veroorzaken telkens een steek van gemis. Vanbinnen ben ik dan helemaal van streek.

En dan probeer ik glimlachend de pijn te verbijten. Pijn die soms fysiek aanwezig is. Een koude rilling die over mijn lijf rolt.

En dan probeer ik me in te leven in de gelukzalige onwetendheid. Niet weten hoe smart smaakt, niet weten hoe eenzaamheid verpletterd, niet weten hoe rauw verdriet aanvoelt.

En dan probeer ik het de ander niet kwalijk te nemen. Geen verbittering te voelen bij het geluk van iemand.

En dan probeer ik het niet te laten merken. Dan probeer ik de dagelijkse realiteit te laten voor wat ze is en niet te reageren.

Alleen … als ik het niet laat merken, dan kunnen anderen ook niet anders gaan doen. Het maakt me zwaar en ’s avonds ben ik vaak uitgeput. Ik blijf maar zeggen tegen mezelf. Het is niet erg, het is maar tijdelijk. Hij komt wel terug.

Kwam hij maar terug!

Nele – geschreven 6 maanden en 23 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015

 

DSC00420

 

op de sofa bij de therapeut

Ik kan dat niet goed … het is geen kwaliteit van me … op de sofa praten over mezelf. Ik kan praten hoor, als de beste, … Dat zou Tas beaamd hebben. Maar bij een therapeut, een psycholoog of dokter voelt het altijd vreemd aan. Iemand die betaald wordt om met mee te leven. Iemand die allerhande theorieën aan me toetst en me meegeeft. Theorieën die ik ken, of lees. Ik heb steeds het gevoel dat ik in de realiteit sta en dat de theorie daar soms heel ver van kan staan. Natuurlijk geloof ik dat die afstand ervoor kan zorgen dat een psycholoog of therapeut ziet wat ik niet zie. Maar omgekeerd denk ik ook elke keer dat zij niet zien wat ik zie. Dat zij niet voelen wat ik voel. Moeilijke relatie.

Ik heb wel al wat ervaringen met allerhande dokters, psychologen en therapeuten. Eigenlijk zijn dat vooral negatieve ervaringen (een enkeling buiten beschouwing). Maar daar wil ik het niet over hebben. Ik probeer meer aandacht te geven aan het positieve dan aan het negatieve. Al is dat vaak een verschrikkelijk moeilijke opdracht.

5 jaar geleden toen ik weer ging werken na de dood van vake en de geboorte van Louise overviel smart en rouw me erger dan net na het verlies. Ook het verdriet van de te vroege dood van mijn moeke overspoelde me. Een vriendin van me wees me de weg naar een rouwtherapeute. ‘Evamaria’, de naam alleen al zou mijn vader vertrouwen geven. Iemand die wist waarover ze praat, iemand die door haar ouderdom en zachtheid ook mijn vertrouwen won. Ik ging slechts 5 keer. Maar haar gsmnummer stond voor altijd vast in mijn telefoon. Het gaf me steun, gewoon dat nummer te hebben.

Nog geen maand na Tas zijn dood belde ik haar op. Ze was onmiddellijk daar! Ook al was het aan de telefoon, ze voelde nabij. Ik heb maar 3 keer met haar afgesproken. Ze voelde de negatieve ervaringen met anderen haarscherp aan. En ik kreeg onuitgesproken de toestemming om het anders te doen. Ik ga niet meer op de sofa bij haar, ook al is het daar goed. Ik lees haar theorieën in haar boeken en heb haar nummer heel dicht bij me. Ze reageert op mijn blog en mijn Facebook berichten. Ik weet dat ze er zal zijn als ik haar nodig heb.

Waarom helpt zij me wel en anderen niet?

  • omdat ze me laat in mijn verdriet en naast me gaat staan, zonder oordeel, zonder al te veel raad en zelfs zonder opbrengst.
  • omdat ze betrokken is en vertrekt vanuit haar buik
  • omdat ze me sleutels gaf om het anders te doen
  • omdat ze oprecht en echt is
  • omdat ze wetende is
Ik ben haar heel dankbaar daarvoor. Dank je wel Evamaria!
En zoals zij zou zeggen, dit is mijn proces en bij een ander is dat anders. Want ieder van ons is uniek en elk rouwproces is dat dus ook. (Ga je dus wel naar een therapeut die je veel helpt, dan zal ik dat ten volle begrijpen.) Op haar Facebook ontdekte ik deze afbeelding … Het zegt alles – of toch oneindig veel over rouwen.
Nele geschreven 6 maanden en 21 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.
535290_10153410062346860_8924252739122586740_n
Hoe ik rouw in een afbeelding gegoten.

 

wat is de zin van leven

Waarom leven we … waarom? Ik ben het helemaal kwijt. Krijgt leven alleen betekenis omdat er dood is?

Vandaag is het Pasen. De tijd van hoop. Is dat zo? Ik heb het zo moeilijk met geloof. Wat is dat toch met geloof en lijden? Kan Pasen alleen maar bestaan doordat er Aswoensdag, Witte Donderdag en Goede Vrijdag is? Ik weet dat ik me op glad ijs begeef als ik godsdiensten vergelijk, maar naast het goeds dat eruit komt is er zoveel kwaads. Daar kan je toch niet naast kijken.

Leven kan er alleen maar zijn doordat er dood is. Kan vertrouwen er dan alleen maar zijn als er ontrouw is? Bestaat teder enkel omdat er ook ruw is? Kan je je maar warm voelen omdat er ook koud moet zijn? Krijgt liefde enkel bestaansrecht omdat er haat is?

Versta me niet verkeerd. Ik ben jaloers op diegenen die echt geloven. Ik kan het niet, ik zie het niet. Soms spreken de kinderen over de hemel, al verstaan ze het zelf ook niet helemaal. Net na de dood van Tas kregen ze enkele ballonnen met helium in, om naar papa te sturen met een boodschap. Tuur en Louise keken vreemd. Papa ligt onder de grond, wat moeten we dan met ballonnen die naar boven vliegen? Ik probeerde het uit te leggen dat sommige mensen geloven in een ziel en wat dat dan is. Waarschijnlijk krijg ik het niet uitgelegd omdat ik er zelf geen snik van begrijp. Ze keken na mijn uitleg nog vreemder. Een ziel? Tuur zei letterlijk :’ Ik versta het niet’ en Louise beaamde dat. We hebben dan maar met ons drieën besloten dat dat het is. Dat we er niets van begrijpen.

Straks rapen we paaseieren. Gewoon, omdat we dat al altijd deden en omdat chocolade lekker is. De betekenis erachter ben ik al even kwijt.

Ik heb het alleen maar koud en ben de liefde kwijt. We zijn eindeloos alleen.
Mijn lief, waar ben je?

Nele – geschreven 6 maanden en 19 dagen na die verschrikkelijke 8ste september 2015.

 

DSC00218
lief

 

 

 

verjaardagscadeau

Lieve Tas,

vandaag zou je een jaar ouder worden … vandaag zouden we vieren …
het zijn vreemde tijden, terreur, angst en verdriet regeert het land, onze gedachten en ons hart.

Tuur is bang, bang om naar school te gaan, bang om te slapen. De gebeurtenissen van de voorbije dagen, doen ons beseffen dat er zo veel, heel veel kinderen zijn. Kinderen die bang zijn na wat ze gezien hebben. Kinderen die een ouder verloren hebben. Kinderen die gewond zijn. Maar vooral kinderen en mensen die bang zijn voor de willekeur van geweld. Ditmaal dicht bij huis. We weten allemaal dat het iets verder van huis dagelijkse kost is.

Hoe kunnen we nog leven in deze vreemde realiteit? Hoe kunnen we nog functioneren? Hoe kunnen we de zinvol verder gaan?

Ik kan Tas geen cadeau meer geven. Daarom zou ik de hele wereld en zeker alle mensen die dit alles van dichterbij meemaken een cadeautje willen schenken. Het is het tegenovergestelde van wat ze ongetwijfeld voelen. Het is vertrouwen en relativeringsvermogen.

Ik weet het: niet evident om aan te nemen. Ik kan het zelf niet altijd opbrengen… om te vertrouwen in het leven, om te relativeren wat er rondom me gebeurd.

Ik probeer het wel elke dag mee te geven aan mijn kinderen. Ik geef het aan mijne Tuur die de wereld op zijn schouders draagt en diep meeleeft met alle getroffenen. 7 jaar maar hij begrijpt het. Ik geef het aan mijn Louise aan wie we niets vertelden over Brussel. Ik geef het aan de mensen die ik ken die in Zaventem waren of op de metro stapten. Ik geef het aan hen die ik niet ken en aan iedereen die het kan gebruiken.

Het is het enige antwoord dat ik heb.

Nele – geschreven op 24 maart Tas zijn verjaardag
lief, gelukkige verjaardag, ik zie je graag en ik mis je!